Spring naar inhoud
Terug naar de vorige pagina

14 september 2026

Zorgdomotica: stappenplan als basis voor succes

Domotica is technologie in de woning die bewoners bij Vanboeijen helpt om zelfstandig en veilig te wonen, terwijl begeleiders op afstand ondersteuning kunnen bieden. Binnen het zorgtechnologieproject Domotica Plus onderzocht Vanboeijen welke vormen van zorgdomotica het beste passen bij de organisatie. Met ondersteuning van adviseurs van de Innovatie-impuls van Vilans en een duidelijk stappenplan kreeg het project meer structuur en richting

Waarom wordt er ingezet op domotica?

De inzet van zorgdomotica sluit aan bij de Strategische Koers 2025–2027 van Vanboeijen. Daarin staat dat technologie en hulpmiddelen worden ingezet om het werk van professionals te verlichten en waar mogelijk te ondersteunen of vervangen. Tegelijkertijd helpt technologie om de zelfstandigheid van bewoners te vergroten.

Volgens Puck Damen, innovatieadviseur bij Vanboeijen, was die structuur nodig. “Zorgdomotica is een groot onderwerp. Daardoor liepen we soms vast en sprongen we van het ene idee naar het andere. De adviseurs hebben ons geholpen om het onderwerp af te bakenen en een projectgroep samen te stellen. Daarna hebben we samen een stappenplan ontwikkeld.” Een belangrijk uitgangspunt daarbij is dat zorgtechnologie begint bij een duidelijke vraag: “Je kunt pas goede keuzes maken als je weet welk probleem je wilt oplossen.”

Wensen in kaart brengen

Het project begon met het in kaart brengen van de behoeften in 2025. Hiervoor werden klantreizen gemaakt en focusgroepen georganiseerd met bewoners, ouders, verwanten, mentoren, zorgprofessionals en collega’s van kwaliteit en beleid. Dit leidde tot duidelijke lijsten met wensen per doelgroep. Daarna werd een leverancier gevraagd om te onderzoeken hoe deze wensen technisch gerealiseerd kunnen worden.

“Je kunt pas goede keuzes maken als je weet welk probleem je wilt oplossen”

Van wensen naar techniek

Een belangrijk onderdeel van het project was het inrichten van een demoruimte waar verschillende technologische hulpmiddelen werden getest door bewoners, ouders, verwanten, mentoren en medewerkers.

De reacties waren positief: bewoners vonden het prettig om de technologie te zien en te ervaren en kwamen met eigen ideeën. Er was bijvoorbeeld interesse in slimme sensoren met camerafunctie, al werd ook duidelijk dat de inzet per bewoner verschilt.

Tegelijkertijd kwamen belangrijke vragen naar voren, bijvoorbeeld over hoe zichtbaar is of technologie aan of uit staat en hoe dit geborgd wordt. Ook werd gesproken over het hoge aantal meldingen in de nachtzorg: momenteel zijn er meer dan 8000 meldingen per nacht, waarvan ongeveer 99% geen opvolging nodig heeft. Door dit grote aantal bestaat het risico dat belangrijke meldingen minder snel worden opgemerkt. Ouders en verwanten gaven aan dat inzicht hierin helpt om beter te begrijpen hoe zorgdomotica bijdraagt aan veilige zorg, met aandacht voor privacy en risico’s.

Ervaringen van medewerkers

Medewerkers zijn overwegend positief over zorgdomotica.Vooral persoonsalarmering met plaatsbepaling, die binnen en buiten het gebouw werkt, wordt als waardevol gezien. Ook zien zij kansen in slimme sensoren met camerafunctie.

Er zijn ook vragen, met name over de betrouwbaarheid van technologie en het monitoren van bewoners. Dit hangt samen met de huidige werkwijze, waarin medewerkers graag goed zicht houden op wat er speelt. Voor medewerkers voelt dit vaak als een noodzakelijke manier om passende zorg te bieden, terwijl in de praktijk ook blijkt dat dit niet altijd nodig is. Dit leidt nu regelmatig tot een groot aantal meldingen die niet altijd relevant zijn.

Zorgdomotica kan hierbij helpen door gerichter signalen te geven wanneer actie nodig is. Het fungeert als een extra paar ogen en draagt bij aan veiliger werken en meer vertrouwen, voor zowel medewerkers als bewoners.

Voorbeeld van de implementatie van zorgdomotica

Van techniek naar invoering

Op de eerste locaties wordt gewerkt met sensortechnologie, zoals uit-bedmelders en slimme sensoren met camerafunctie.Daarbij wordt uitgegaan van basisfunctionaliteiten per doelgroep, die per bewoner worden afgestemd. Technologie wordt alleen ingezet waar het echt nodig is en uitgezet waar het geen toegevoegde waarde heeft, wat bijdraagt aan de privacy van bewoners. 

De feedback uit de demoruimte is meegenomen in de verdere keuzes en heeft geleid tot een voorgenomen besluit voor een leverancier. Deze leverancier heeft inmiddels een demonstratie gegeven aan de bewonersraad, waarop positief is gereageerd.Na definitieve goedkeuring start de invoering op drie locaties: Middenweg 16 en 18 in Assen en de Reesthoeve in Meppel.Ter voorbereiding worden werkgroepen ingericht rondom techniek, werkwijze, scholing en adoptie, waarbij ook wordt gekeken naar de inzet in de nachtzorg en de mogelijkheden van datagedreven werken. 

Voor medewerkers betekent dit een verandering in de manier van werken, waarbij meldingen via een smartphone binnenkomen.Daarbij blijft het belangrijk om met elkaar in gesprek te gaan over risico’s, wensen en passende ondersteuning, waarbij steeds wordt gekozen voor de minst belastende oplossing voor de bewoner.Na een aantal maanden worden de ervaringen geëvalueerd en wordt bekeken of verdere uitrol binnen de organisatie mogelijk is.

Over de auteur

Info Vanboeijen