| Ervaringsverhaal Mark, vader van Pepijn
Toen Pepijn (11) nog thuis woonde, was het zwaar voor het gezin. Pepijn heeft een verstandelijke beperking en autisme. Hij raakte snel overprikkeld en had veel begeleiding nodig. “Hij was niet gelukkig,” vertelt zijn vader Mark. Twee jaar geleden veranderde dat. Pepijn ging bij Vanboeijen wonen. Een spannende keuze, maar wel eentje die het gezin bewust maakte. “We kozen voor Pepijn. En al snel zagen we: dit is goed.”
Pepijn woont op locatie Middenweg 16 in Assen, in een kleine groep. Hij heeft een eigen kamer en een vaste structuur. Overdag gaat hij naar school De Ster. Dit is een locatie waar educatieve dagbesteding wordt aangeboden. Denk aan rekenspelletjes, werkbladen, voorlezen, knutselen, natuur, taalopdrachten, muziek en andere schoolse activiteiten. “Hij leert nu dingen die we nooit hadden durven hopen, zoals letters en een beetje rekenen,” vertelt Mark trots.
Die ontwikkeling merken ze thuis ook. “Pepijn zit nu veel beter in zijn vel. Dat is niet alleen voor Pepijn goed, ook voor mijn vrouw en mij, en voor onze oudste zoon Abel,” zegt Mark. “Natuurlijk missen we Pepijn thuis. Maar juist daardoor zijn de momenten samen extra waardevol. We kijken er echt naar uit.”
“Hij is vrolijker, rustiger en dat zorgt ervoor dat hij weer dingen kan leren.”
Samen zorgen
Mark en zijn vrouw hebben veel contact met de begeleiders van Pepijn. “Ze zijn heel professioneel en betrokken. We krijgen elke dag een verslag en vaak een foto of video. Zo zien we hoe het met Pepijn gaat. Dat geeft vertrouwen.”
En de betrokkenheid van Mark gaat nog verder. Hij is actief in de lokale raad van Middenweg 16. “Kinderen kunnen niet altijd zelf aangeven wat ze nodig hebben. Dan is het belangrijk dat ouders meedenken. Zo houden we de plek goed voor alle kinderen.”
Voor het gezin is één ding het belangrijkst: dat Pepijn zich goed voelt. “Hij is vrolijker, rustiger en dat zorgt ervoor dat hij weer dingen kan leren.” Mark glimlacht. “Hij is nu gewoon een blij ventje, zoals het hoort.”
“Nu is hij een blij ventje”